Technotheek:Info

Uit Technotheek
Versie door Admin (Overleg | bijdragen) op 7 apr 2012 om 11:33
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Technotheek

Systeem voor het zoeken van informatie bij objecten ten behoeve van ontwerpen


Toelichting

De door Wim Poelman ontwikkelde inzichten met betrekking tot kennis-transfer binnen het vakgebied Industrieel Ontwerpen, hebben geleid tot een nieuw hulpmiddel voor ontwerpers bij de selectie van materialen en vervaardigingstechnieken. Overeenkomstig deze nieuwe inzichten zijn er drie stappen te onderscheiden in de acquisitie van kennis, te weten: - de generatie van leads (aanknopingspunten) - follow-up - transfer

De huidige systemen voldoen niet omdat deze niet passen in dit algemeen geldige model. De elektronische en gedrukte naslagwerken schieten tekort omdat ze nauwelijks geschikt zijn voor het genereren van leads. De hoeveelheid informatie is te groot en de eerste beoordelingsmogelijkheden te gering. Het gaat immers om fysieke eigenschappen die op abstracte wijze, eventueel via beeldmateriaal, worden gecommuniceerd.

Daartegenover staan de monstercollecties. Deze zijn uitermate geschikt voor het genereren van leads, maar de follow-up vormt meestal een probleem. Uiteraard zou het mogelijk zijn elk monster te voorzien van follow-up gerichte informatie, maar praktisch blijkt dit moeilijk uitvoerbaar. Dit heeft hoofdzakelijk te maken met logistiek. Het is lastig de informatie direct te koppelen aan het monster (archiveringsprobleem) en het bijhouden van een monsterruimte blijkt arbeidsintensief. Een monster op de verkeerde plaats opgeborgen leidt al gauw tot loskoppeling met de follow-up informatie. Goed functionerende monsterruimten ten behoeve van ontwerpen treft men dan ook zelden aan. Een redelijk functionerend voorbeeld zijn de tech-boxen van IDEO.


Het tot stand komen van ontwerp-leads

De ervaren ontwerper beschikt over een groot aantal leads in zijn geheugen. Deze leads komen naar voren in mentale creatieve processen, waarbij geformuleerde, actuele problemen gerelateerd worden aan in het geheugen opgeslagen kennis. Deze mentale database is echter beperkt van omvang en wordt op twee manieren aangevuld. Enerzijds door brainstormpartners die leads vanuit hun eigen mentale database aanreiken, en anderzijds door ‘browsen’ in daartoe geëigende bronnen. Ten behoeve van de keuze van deze bronnen zijn ook weer leads nodig. Het heeft immers geen zin om zomaar ergens te zoeken. Onderzoek heeft uitgewezen dat ontwerpers maar beperkt bereid zijn zich in te spannen voor informatie-acquisitie wanneer er al een oplossing beschikbaar is. Er blijkt in dit verband sprake te zijn van een barrière. Als men weet dat iets ‘in staal kan’ zal men dat ook doen, tenzij informatie over alternatieven in de buurt is. Het is derhalve van belang om alternatieven gemakkelijk toegankelijk en beoordeelbaar te maken en informatie over follow-up direct aan te bieden.


Het TECHNOTHEEK systeem

Het TECHNOTHEEK systeem voldoet aan de boven gestelde eisen. Elk monster is voorzien van een barcode die verwijst naar een in de computer opgeslagen document. Als gevolg hiervan is archivering van de monsters nauwelijks nodig. Integendeel, als gevolg van het gebruik zullen monsters automatisch georganiseerd worden overeenkomstig categorieën van probleemoplossing. Scharnieren bij scharnieren en displays bij displays. Een bepaalde barcode kan evenwel om verschillende redenen op een monster zitten. Het kan om het materiaal gaan, om de be- en verwerkingsmethode, om de functionaliteit van het object of om de hulpmiddelen waarmee het object is ontworpen (bijv. rapid prototyping). Formeel zou het om hetzelfde object kunnen gaan. Daarom is zijn de monsters in vier, d.m.v. kleurcodes herkenbare groepen verdeeld. Uiteraard kunnen meerdere monsters naar dezelfde documentatie verwijzen en kunnen op een monster meerdere barcodes zijn aangebracht. Doormiddel van het lezen van de barcode met een handscanner roept men de betreffende documentatie op het computerscherm op. Deze documenten bevatten standaard informatie-categorieën, zoals een toelichting, de voor- en nadelen, de toepassingsmogelijkheden, de milieu-aspecten, de leveranciers en de kenniscentra. In de toelichting komen de mogelijkheden, de beperkingen en, zo mogelijk, de kosten aan de orde. De student heeft slechts een barcode leesapparaat en een muis ter beschikking. Met het barcode leesapparaat roept hij documenten op en met de muis (scroll-wheel) kan hij erdoor bladeren. Eventueel zijn er links naar internet.

Codering

Het TECHNOTHEEK systeem maakt gebruik van een speciale vijfcijferige codering. Het eerste cijfer geeft de hoofdcategorie aan.

  1. Algemene informatie
  2. Informatie over materialen
  3. Informatie over be- en verwerkingstechnieken, oppervlaktetechnologie en bevestigings-technologieën, enz..
  4. Informatie over de mogelijkheden om bepaalde functionaliteiten te kunnen realiseren
  5. Informatie over ontwerpmethoden en hulpmiddelen, benevens over normen en regels

Het tweede en het derde cijfer verwijst naar een hoofdgroep en het vierde en vijfde cijfer naar de concrete informatie.


Spin-off

De systematische opbouw van de achterliggende documentatie maakt het mogelijk deze te vertalen naar een gedrukte uitgave, een handboek, met een geheel andere functie dan die van het systeem zelf. Het handboek is niet bedoeld om leads te genereren, c.q. ideeën op te doen, maar slechts als handzaam hulpmiddels bij de follow-up van leads die uit andere bronnen voortkomen en die derhalve niet met het BARrier systeem zijn op te zoeken.

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen